KOM is een dienstverlenende organisatie die gericht is op het bewaken en verbeteren van de kwaliteit van melkwinning, -bewaring en -registratie op het melkveebedrijf. Deze missie komt tot uiting in een drietal opdrachten die we ons tot doel hebben gesteld.

Dit zijn de volgende opdrachten:

  • Kwaliteitsborging van onderhoud van melkinstallaties op melkveebedrijven.
  • Kwaliteitsborging van onderhoud van melkkoeltanks op melkveebedrijven.
  • Kwaliteitsborging van melkgift- en gehalteregistratie ten behoeve van erkende melkproductieregistratie op melkveebedrijven.

Om deze opdrachten uit voeren vervullen we o.a. de taken:

  1. Registratie van meet- en adviesrapporten (beoordeling op steekproefbasis), registratie en controle van ijkrapporten van melkmeters en melkmeetglazen.
  2. Jaarlijkse bijscholing van onderhoudsmonteurs en controle en afstelling van meetapparatuur gebruikt door de onderhoudsmonteurs.
  3. Installatieproeven bij melkmeters en periodieke controles bij voorlopig goedgekeurde melkmeters.
  4. Uitvoering van steekproeven op de werkzaamheden van de onderhoudsmonteur ten aanzien van de melkinstallatie, melkkoeltank en eventuele aanwezige melkmeetapparatuur.
  5. Certificering van (nieuwe) onderhoudsmonteurs.
  6. Ontwikkeling van standaard meetrapporten en meetprocedures (gebaseerd op ISO).
  7. Uitvoering hercontroles

Steekproeven

Op de door de onderhoudsmonteurs uitgevoerde servicebeurten en periodieke controles worden door KOM steekproeven uitgevoerd. Dit betekent dat in de praktijk een deel van de installatie en/of melkmeetapparatuur nagemeten en vergeleken wordt met de resultaten van de onderhoudsmonteur.

De doelstelling is om op 2% van alle binnengekomen meet- en adviesrapporten een steekproef uit te voeren, voor de bedrijven met melkmeters is dit 5%.

Installatieproeven

Op alle nieuw geïnstalleerde melkmeetapparatuur wordt een installatieproef uitgevoerd door uw dealer. Wat is nu eigenlijk een installatieproef? Dit is een melk/water test op het melkveebedrijf waarbij gecontroleerd wordt of de melkmeters op de juiste wijze zijn geïnstalleerd en afgesteld conform internationale afspraken (ICAR) voor melkgiften is een bedrijfsgemiddelde van < 0,2 kg of < 2% bij 10 kg of meer.  Afstelling is nodig om de meter aan te passen aan de specifieke bedrijfsomstandigheden.

Om het traject tot een goedkeuring in te zetten verlangen wij een ondertekend aanmeldingsformulier, zodat in overleg met de melkcontrole verenigingen, dealer en KOM een afhandeling kan plaatsvinden. Op deze wijze kunnen aaneengesloten erkende lijsten beschikbaar blijven.

Laat u vooraf goed informeren over de aanschaf van nieuwe melkmeetapparatuur. Als melkmeetapparatuur gebruikt gaat worden bij MPR is een bedrijfsgoedkeuring van KOM nodig. Ook dienen de melkmeters periodiek onderhouden en gecontroleerd te worden. Maak hiervoor zo mogelijk bij aankoop goede afspraken over.

Herijkingen

De erkende melkproductieregistratie gebruikte melkmeetapparatuur dient periodiek gecontroleerd te worden. Veel veehouders hebben goedgekeurde meetapparatuur in de vorm van melkmeetglazen of elektronische melkmeters in eigendom. De overige bedrijven gebruiken TruTest melkmeters via de melkcontrolevereniging. De melkmeetglazen worden 1x per 24 maanden gecontroleerd. Voor de elektronische melkmeters is deze termijn 12 maanden.

Om de dealer zo goed mogelijk te ondersteunen bij zijn planning wordt voor zowel de melkmeters als de melkmeetglazen een planning gemaakt voor een jaar vooruit. Op deze wijze kan goed beoordeeld worden of bij een toekomstig KOM-onderhoudsbeurt de meetapparatuur ook gecontroleerd dient te worden. Deze planning is voor de dealer digitaal in te zien als veehouder ontvangt u een brief wanneer de melkstal of melkmeters/meetglazen aan de beurt is voor de toetsing.

Ook Tru-Test melkmeters worden jaarlijks door middel van een steekproef getest door KOM. Eventuele afwijkingen, meestal een beschadigd meettuitje, een onjuiste of beschadigde meterkop of vervuiling worden gelijktijdig hersteld.

Goedkeuren silotanken

Een in Nederland geplaatste silotank, welke gebruikt wordt voor melkkoeling en bewaring dient te voldoen aan een aantal voorschriften en vereisten. De plaatsing dient naast bouwvoorschriften ook te voldoen aan voorschriften van de zuivelfabriek waaraan geleverd wordt door de melkveehouder (o.a. bereikbaarheid, binnen/buiten en uitloop/kraan).

Verder is het van belang er een goedkeuring wordt verkregen door de leverancier op basis van een technische beschrijving en bevestiging daarop van de leverancier en een toetsing op het kunnen aanleveren van een representatief uitbetalingsmelkmonster. Aan dit laatste wordt door KOM invulling gegeven waarbij goedkeuring leidt tot plaatsing op de ‘witte lijst’ van silotanks.

De goedkeuring wordt vooreerst verstrekt op basis van één tank van dit nieuwe type en op basis van een bepaalde grootte en vulling.

Indien door of namens de melkveehouder wijzigingen worden aangebracht aan een silotank met goedkeuring, dient de melkveehouder de ontvanger van boerderijmelk daarover te informeren. De ontvanger van boerderijmelk administreert de wijziging en beoordeelt of een nieuwe typekeuring noodzakelijk is en zal indien nodig KOM daarover informeren.

Wijzigingen in techniek en gebruik aangebracht door de leverancier bij een goedgekeurde silotank dienen te allen tijde gemeld worden aan KOM en kunnen leiden tot een nieuwe volledige of gedeeltelijke toetsing.

Internationale werkzaamheden (ICAR)

Melkmeters voor erkende productieregistratie moeten voldoen aan de eisen van het internationale comité voor de melkcontrole (ICAR). Vóór een melkmeter een internationale goedkeuring krijgt, moet deze twee testen ondergaan: een laboratoriumtest en een praktijktest.

Wereldwijd zijn er 3 landen (Nederland, Frankrijk & Duitsland) die dergelijke testen uitvoeren. Nederland heeft hierin al vele jaren ervaring. De uitvoering/coördinatie is in handen van de Animal Sciens Group van Wageningen UR (ASG). De praktijktesten worden door KOM in hun opdracht uitgevoerd. De laboratoriumtesten doen zij in hun eigen testcentrum.

In de laboratoriumtest wordt gekeken naar onder meer meetnauwkeurigheid, afgifte van een representatief monster, vacuümschommelingen en melktechnische aspecten. Bij een voldoende resultaat volgt de praktijktest. De testende instantie kiest willekeurig uit een partij van vijftig melkmeters negen stuks. Deze worden geplaatst op twee bedrijven en daar getest. Per meter worden minimaal veertig waarnemingen gedaan, waarbij het gaat om de meetnauwkeurigheid en de afgifte van een goed vet- en eiwitmonster.  Voldoen alle meters in beide testen aan de ICAR-norm, dan volgt een voorlopige goedkeuring voor één jaar. Doen zich in dat jaar geen problemen voor, dan volgt een definitieve goedkeuring. Uitgebreide informatie staat op de site van ICAR.